Ruim
een jaar Aan de Lange Weg als hoorspel
Op
vrijdag 17 september 2010 was ’s avonds in de Filmzaal van theater De Schalm
in Veldhoven de allerlaatste voorstelling van het hoorspel Aan de Lange Weg van
Patrizia Filia naar het gelijknamige boek van Meurs A.M, die vlak voor de
Bevrijding van het Zuiden als Ton Meurs in Veldhoven werd geboren. Het hoorspel,
dat begint met de geboorte van Jantje Weels en met die bevrijding, werd
opgevoerd voor een nagenoeg volle zaal die in de pauze en na afloop vol lof was
en nog lang bleef napraten. Het was voor de Veldhovenaren een feest der
herkenning en het leek een soort reünie voor de (vroegere) bewoners van de
Lange Weg, de oude weg van Turnhout naar Antwerpen die dwars door Veldhoven
loopt.
De
vrees van Meurs A.M. dat het publiek te veel zou kijken naar wat er werkelijk
gebeurd was en alleen aandacht zou hebben naar wie er achter de personages
schuilging, bleek volkomen ongegrond. Hij was bang dat de Veldhovenaren te
weinig oor zouden hebben voor de nieuwe werkelijkheid en voor de nieuwe
roman/hoorspelpersonages en vertelde dan ook in zijn inleiding hoe de personages
uit verschillende mensen die hij had gekend waren ontstaan en dat hij bovendien
nog eens zijn fantasie op ze had losgelaten. Nee, er werd weliswaar zeer
geanimeerd over de personages gesproken - “Die
bloedmooie Petra Donkers was dat …? Dat dacht ik al, daar heb ik nog mee
gevrijd.” - maar de verklaring dat deze vrouw op nog drie andere vrouwen
was gebaseerd, werd niet alleen in dit bijzondere geval maar ook in zijn
algemeenheid als vanzelfsprekend geaccepteerd.
STICHTING HISTORISCHE ERFGOED VELDHOVEN
Het hoorspel werd in Veldhoven gepresenteerd ter gelegenheid van het
20-jarig bestaan van de Stichting Historisch Erfgoed Veldhoven, SHEV, die
tijdens het hoorspel op groot scherm een powerpointpresentatie verzorgde van
beelden uit haar archief, aangevuld met foto’s en illustraties van de
schrijver die mede de inspiratie hadden gevormd. Voorzitter Jacques Bijnen van
de SHEV sprak in zijn inleiding de hoop uit dat voor de toehoorders Veldhoven
zoals het geweest was zou herleven. Hij sprak tevens de overtuiging uit dat voor
de schrijver, die al meer dan veertig jaar in Amsterdam woont, een droom in
vervulling ging nu hij met de personages die hier ooit waren ontstaan, in
Veldhoven was teruggekeerd.
HOE DE PERSONAGES ONTSTONDEN
Meurs A.M. schetste hoe een jongetje uit de achterdeur van zijn huis kwam
en aan een kant van hun tuin een hoge haag zag waar hij niet doorheen kon kijken
en waarachter de villa en de fabriek was van hun buurman. Hij hoorde dat de
broer van de fabrikant al heel lang burgemeester was en vele jaren later werden
die twee broers samen zijn ex-burgemeester en fabrikant Van Tuin in Aan de Lange
Weg. In hetzelfde blok als het jongetje woonde naast hen aan de voorkant de
Schoenmaker. Deze was de eerste dode die het jongetje zag toen hij negen jaar
oud was en opnieuw vele jaren later beschreef het vroegere jongetje de
Schoenmaker met het Houten Been gezien door de ogen van zijn chagrijnig wijf. Zo
ontstonden door zijn herinneringen, door de verhalen van familie en dorpsgenoten
en aangevuld met zijn fantasie de personages van de Lange Weg, zoals de Vrouwen
van de Eerste Huizen. Terwijl de schrijver jaren geleden op zoek was naar
verhalen en beelden van vroeger kwam hij in de fotoboeken en andere publicaties
steeds dezelfde naam tegen, die van Jacques Bijnen. Hij belde deze op en
sindsdien is deze en zijn SHEV onmisbaar gebleken voor de inkleuring van zijn
verhalen Aan de Lange Weg.
THEATERMAKER PATRIZIA FILIA
Er zou alleen een boek en geen hoorspel zijn geweest - en dus ook geen
voorstelling als die van vanavond, aldus Meurs A.M. - als er in Dordrecht geen
vrouw was geweest die het boek had opgepikt en gezegd dat ze veel uit haar jeugd
herkende en eraan toevoegde: “Als ik Aan de Lange Weg lees, dan hoor ik
stemmen en moet ik denken aan de hoorspelen van vroeger.“ Die vrouw is
Patrizia Filia, waarmee hij contact kreeg toen zij zijn boek Spelen met vier
theaterstukken bestelde dat begin 2006 is verschenen. Hij bezocht haar zes uur
durende reading door de Dordtse lezers van de Hel van Dante en deed haar uit
waardering zijn Alice in Wonderland-verhaal cadeau, een verhaal dat was begonnen
met het verzoek van een boekhandel om een stukje te schrijven over een favoriet
jeugdboek. De volgende dag mailde zij dat zij Alice in Wonderland altijd maar
vreemd had gevonden en nooit echt had willen lezen, maar, aangestoken door zijn
argumenten en zijn enthousiasme, was ze nu van plan om, net als ze gedaan had
met de Hel van Dante, Alice in Wonderland als reading op toneel te zetten. Het
resultaat was, bijna een jaar later, een tien dagen durende, veelzijdige en zeer
succesvolle Alice in Wonderland-manifestatie in Dordrecht. Toen die achter de
rug was zei ze: “En nu ga ik jouw boek doen.”
OVER DE BEWERKING VAN DE ROMAN TOT HOORSPEL
Bij Aan de Lange Weg heeft Meurs A.M. telkens het eerste voorstel gedaan,
waarbij alle personages sprekend werden opgevoerd. De roman kent al een kort
hoofdstuk getiteld De Gekke Onderwijzer dat zich afspeelt in de kerk, hetzelfde
onderwerp had de auteur al eerder sterk uitgebreid tot een hoorspel met dezelfde
titel. Uit dit hoorspel nam hij de kerkscène en bracht die grotendeels over
naar het nieuwe hoorspel Aan de Lange Weg. Deze scène bestaat er o.a. uit dat
jongelui, die door de grote drukte maar ook uit gewoonte, deels in het
kerkportaal en zelfs buiten de kerk staan, hun sexuele snoeverijen vertellen.
Patrizia Filia liet deze teksten uitspreken door de volwassen mannelijke
personages die in het hoorspel optreden, waardoor er vaak een amusante spanning
ontstond met hun overige tekst. In de roman speelden de Vrouwen van de Eerste
Huizen door het hele boek al hun opvallende rol als medevertelsters en
commentatoren, dat gebeurde nog meer in het hoorspel, maar Patrizia deed dit ook
met andere personages zoals Dorus Wolvers maar vooral met de niet-deugende en
daardoor extra interessante Nieuwenhuis. Zijn stem kon in het hoorspel altijd
onverwacht opduiken. Vertelde Patrizia Filia altijd al
dat ze bij het lezen van het boek stemmen hoorde, in het hoorspel wist zij dit
tot een echt stemmenspel uit te breiden. Het verhaal en ook de tekst mochten
dan, zij het ingekort, veel overeenkomst vertonen met die van het boek, de
rollen van de personages werden flink uitgebreid terwijl ze allemaal sprekend
werden opgevoerd.
OOK EEN MAATSCHAPPELIJK EN CULTUREEL PROJECT
Het hoorspel is op de eerste plaats een artistiek project,
maar hier blijft het niet bij. Door in Dordrecht naast de drie professionele
acteurs twaalf amateurspelers in te zetten, die bovendien in de vijf andere
Drechtsteden dat het hoorspel wordt gemaakt telkens gedeeltelijk worden
vervangen, werd het ook een maatschappelijk cultureel project. In elke stad
werden van vier tot acht plaatselijke amateuracteurs aangetrokken en vonden er
nieuwe opnames plaats die telkens door geluidcomponist Serge Aanstoot weer tot
een geheel werden gemaakt. Dit leidde in elk van de zes Drechtsteden tot een
eigen opname en uitvoering van het hoorspel. En daarmee tot artistieke
betrokkenheid ter plaatse.
De band met de eigen geschiedenis, met een eigen Lange
Weg, werd in elke zaal van de zes Drechtsteden geïllustreerd door foto’s ter
beschikking gesteld door plaatselijke historische verenigingen, zoals in
Dordrecht het Erfgoedcentrum DiEP. Maar de betrokkenheid met de plaatselijke
geschiedenis en zelfs persoonlijke geschiedenis van de bewoners ging veel
verder. Onder leiding van educatief medewerker Dana Gooijer, en in samenwerking
met Drechtsteden schrijft, bezochten
scholieren van verschillende scholen oudere inwoners en tekenden het verhaal op
van hun Lange Weg. Dit resulteerde zowel in Dordrecht als in Zwijndrecht tot een
eigen Aan de Lange Weg-boek ontworpen
door de leerlingen zelf. In Hendrik-Ido-Ambacht werd het verhaal van twee
inwoners op twee kaarten uitgegeven. Ook waren de leerlingen betrokken bij het
ontwerp en inrichting van de 50er jarenhuiskamer.
CULTUREEL HISTORISCH: HET HOORSPEL
Na het lezen van de roman Aan de Lange Weg zei Patrizia Filia: “ Ik moest aan mijn
kindertijd in het dorp denken en aan de hoorspelen van toen. Ik las en dacht: ik
hoor stemmen.” Zij wilde dat de mensen naar het hoorspel zouden luisteren
zoals ze in de vijftiger jaren thuis naar een hoorspel op de radio luisterden:
op een bank of in een luie stoel, met een schemerlamp naast zich en net als toen
mochten ze ook tijdens het hoorspel wat eten en drinken en naar het toilet gaan.
De omstandigheden van het hoorspel toen werden deels nagebootst maar het
hoorspel zelf klonk totaal anders. Kwam het vroeger vanaf één punt, uit een
radiokastje of luidspreker, nu zorgden overal in de zaal opgestelde
speakerkasten ervoor dat het surroundgeluid
inderdaad van alle kanten klonk. Ook het hoorspel zelf was anders: de nadruk lag
veel minder op scènes of gebeurtenissen dan op vertellen, meer op monologen dan
op dialogen, de geluiden waren eerder (muzikale) begeleiding dan realistisch en
zeker niet één op één of letterlijk toegepast. Zo verenigde Patrizia Filia
de cultuur van het hoorspel van toen met haar artistieke inzichten en de
geluidsmogelijkheden van nu.
HET HOORSPEL IN DE SCHALM
Helaas moest
Veldhoven afwijken van het huiskamerconcept omdat er maar één voorstelling kon
worden gehouden en er daarbij toch wel zo’n honderd bezoekers werden verwacht,
wat inderdaad is uitgekomen. Het huiskamerconcept was gebaseerd op maximaal
veertig bezoekers per voorstelling. Omdat de toehoorders niet meer als in een
huiskamer konden rondlopen en ook eventueel wat eten en drinken maar in een
filmzaalstoel zaten, moest er op de eerste plaats een pauze ingelast worden.
Verder moest er meer aangeboden worden dan alleen geluid. Daarom zou de SHEV een
powerpoint- presentatie op het scherm verzorgen van Veldhoven, illustraties uit
het boek en foto’s van plaatsen en personen die mede de inspiratie hadden
gevormd. Uiteindelijk werd besloten voor een langzame presentatie van 1 beeld
per minuut, zodat de luisteraars niet afgeleid zouden worden door de beelden. Zo
werden er in 135 minuten, de duur van het hoorspel, 135 beelden vertoond.
Belangrijk bijvoorbeeld was het om aan te geven dat de beelden een achtergrond
vormden maar zeker niet parallel liepen met de tekst. Het was spannend of het
zou werken, mensen zijn immers niet gewend om in een filmzaal voornamelijk te
luisteren. Maar het bleek te werken, er was veel herkenning zowel van de teksten
als van de beelden, men bleef zitten en luisteren en na de pauze kwam ook
iedereen terug.
De grote belangstelling was o.a. te danken aan de
bekendheid van het publiek met de verhalen uit het boek Aan de Lange Weg en hun
achtergrond. Veldhoven staat immers model voor het Dorp aan de Lange Weg. Het
was een grote reünie en er werd veel gepraat over de gebeurtenissen en mensen
die werden herkend. Maar het ging
niet over of er dingen wel klopten, er werd ook geaccepteerd dat die herkenning
niet één op één was terug te brengen, niet op één mens, niet op één
gebeurtenis. Het hoorspel werd als een zelfstandig kunstwerk geaccepteerd en
gewaardeerd. Het was een waardige afsluiting van meer dan een jaar hoorspel Aan
de lange Weg
Rest de auteur het publiek in Veldhoven, in de zes
Drechtsteden en op de boot in België, alle mensen die aan het hoorspel en aan
al die voorstellingen hebben meegewerkt, de Stichting Historisch Erfgoed
Veldhoven en speciaal theatermaker Patrizia Filia heel
hartelijk te bedanken.
Meurs A.M.